Het blijkt dat Oost-Europese inbrekers weten waar ze het best hun slag kunnen slaan. Sinds de uitbreiding van Europa is het er alleen maar op verslechterd. Tegenwoordig staat de teller op zo’n 250 inbraken per dag.
Rond de eeuwwisseling lag het aantal woninginbraken ontzettend hoog. Dat was vooral te danken aan rondtrekkende dievenbendes. Het federale parket en de federale politie trok ten strijde, waarna het aantal inbraken weer daalde. Dat bleef duren tot 2006, wat volgens Eddy De Raedt, directeur van criminaliteit tegen goederen van de federale politie, alles te maken heeft met de uitbreiding van de Europese Unie.
“België is klein en het ligt centraal”, zo legt hij uit in De Standaard. “Direct binnen en direct weer weg, België is het shopping center van West-Europa.”
Het probleem zou volgens hem kunnen opgelost worden met een strenger strafbeleid. “Inbrekers krijgen gemiddeld 25 maanden celstraf. Daarvan zitten ze, globaal genomen, vijf maanden uit. Slechts vijf maanden cel voor personen die uit een uitzichtloze situatie uit Oost-Europa komen, dat is een lachertje.”
Als de daders al gestraft kunnen worden, want vele Oost-Europese dievenbendes zetten minderjarigen in om het vuile werkje op te knappen. Dat verklaart ook meteen waarom de meeste inbraken niet ’s nachts gebeuren, maar in de late namiddag. Kinderen kunnen de auto niet nemen, dus gaat men met het openbaar vervoer op strooptocht.
Nog iets opmerkelijks: volgens politieonderzoeken hebben de daders tijdens hun ‘werk’ niet eens stress: “Alsof inbreken in hun cultuur zit.” (SL)
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments