Een Boeing 767 van Jetairfly die 202 passagiers via Kenia naar Zanzibar moest brengen, heeft zondagavond eerst vier uur rondjes gevlogen boven het zuiden van Limburg om dan koers te zetten richting de Noordzee. Daar lieten de piloten tienduizenden liters kerosine uit het toestel vloeien.
Hans Vanhaelemeesch van Jetairfly legt in Het Nieuwsblad uit dat een van de flappen van het vliegtuig vlak na opstijgen weigerde in te klappen. "Compleet ongevaarlijk maar het jaagt wel het brandstofverbruik de hoogte in, zodat het vliegtuig niet meer op zijn bestemming zou geraakt zijn zonder tussenlanding", aldus Vanhaelemeesch. "Na een grondige controle van het technisch defect in de cockpit en overleg met de grond - vandaar de rondjes boven Limburg - werd besloten om terug te keren. Landen kan echter niet met een volle brandstoftank, omdat de gewichtslimiet dan overschreden wordt."
Dat kerosine in zo'n gevallen in zee geloosd wordt, noemt Vanhaelemeesch "een normale procedure". "Het gebeurt boven zee omdat het risico moet vermeden worden dat een ander vliegtuig in een dampwolk van kerosine zou terechtkomen. Het terugvliegen op lage hoogte (3 kilometer in plaats van 10 kilometer) heeft ook als doel sneller brandstof te verbruiken. Er is alleszins geen sprake van een olievlek op het water. De kerosine wordt geleidelijk geloosd via kleine uitlaten en verdampt in de lucht."
FiVr Archieffoto PhotoNews
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments