David Van Reybrouck heeft een missie: tegen 11 november wil hij in het Brusselse Tour & Taxis 1000 mensen laten samen komen om te discussiëren over een "betere en meer reprensatieve democratie" - het burgerinitaitief G1000. Maar hij heeft geen financiële middelen.
Die middelen worden enkel via "crowd funding" gezocht, waardoor de auteur nog maar over een kwart van de benodigde middelen beschikt en daardoor maar 200 gelijkgestemden kan ontvangen. Die gelijkgestemden gaan dan ook de komende maanden nog tal van benefietacties organiseren waarvan de opbrengst zal dienen om dit initiatief te bekostigen.
Nu zal Van Reybrouck het allemaal wel goed menen, maar toch slaat hij de bal grondig mis. De kritiek in het manifest dat de representatieve democratie waarbij mensen politici verkiezen om hun te vertegenwoordigen is niet haar grenzen gestoten - de misbruiken binnen het Belgische kader zijn de oorzaak van dit falen. Een representatieve democratie houdt in dat elke politicus een even groot aantal kiezers vertegenwoordigd. Binnen de Belgische context heeft een Franstalige 6.000 stemmen minder nodig om verkozen te geraken dan een Vlaming, waardoor er een oververtegenwoordiging van Franstaligen is. Daarnaast is er ook de verplichte pariteit op ministrieel niveau waardoor de 60% Vlamingen en 40% Franstaligen evenveel ministers en dito kabinetten hebben.
Ook de kritiek dat politici de afgelopen decennia te veel bezig geweest zijn met de staatshervorming in plaats van met de democratiehervorming is gratuit. De staatshervorming is in wezen niets anders dan de Vlaamse poging om op te komen voor gelijke rechten binnen deze Belgische schijndemocratie en dus wel degelijk een vorm van democratisering!
Bovendien wordt in een representative democratie iedere burger de kans geboden zijn stem uit te brengen, terwijl de G1000 beperkt blijft tot 1.000 deelnemers, waarbij de vraag kan gesteld worden wat de selectienormen zijn mochten er meer mensen zich kandidaat stellen. Beslissen Van Reybrouck en vrienden zonder inspraak wie er al dan niet aanwezig mag zijn? Is dat niet eerder despotisch dan wel democratisch?
Daarom dit voorstel: laat de burgers de vertegenwoordigers kiezen. Aangezien er in Vlaanderen en Franstalig België aparte lijsten zijn doordat er geen nationale politieke parijen meer zijn, is het maar logisch dat er in Vlaanderen én in Franstalig België volgens de daar behaalde verkiezingsuitslag een meerderheid gevormd wordt. Die beide meerderheden onderhandelen dan over wat nog samen mogelijk is (artikel 35 van de grondwet). Bij moeilijkheden kan een bindend referendum worden uitgeschreven waarbij deze keer wél aan de mening van de meerderheid gehoor wordt gegeven, en niet zoals bij de koningskwestie onder druk van een vnl. Franstalige minderheid géén rekening gehouden wordt met de uitslag - daar faalde de democratie, mr. Van Reybrouck.
Ook inzake Brussel is het eenvoudig. Wanneer die stad wil teren op het geld van Vlaanderen, dient het de daar wonende Vlamingen te respecteren - dus ook de verplichte tweetaligheid van al wie in een openbarte dienst werkt. Zoniet, organiseren ze het daar maar op zichzelf - rechtstreekse democratie.
Zo, dat is al heel wat moeite en centen uitgespaard, waardoor David Van Reybrouck terug tijd heeft om zich aan een boek te wijden, zoals zijn laatste werk over Congo - dat in tegenstelling tot het warrige manifest wel de moeite was om te lezen.
(EJ)
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments