Di Rupo I is een feit, de belangrijkste functies zoals premier, Binnenlandse zaken en Buitenlandse zaken gaan naar Franstaligen en op het communautair vlak zijn we nog niet aan de nieuwe patatjes...
Dat communautaire akkoord voorziet namelijk aanpassingen aan het huidige Belgische huishouden met zijn Vlaamse, Franstalige, Waalse, Brusselse en Duitstalige kamers, maar laat na om volledige, homogene bevoegdheidspakketten over te hevelen. Niet alleen wordt zo een administratieve (en financiële) vereenvoudiging de nek omgewrongen, maar worden ook de vleugels geknipt van de gewesten en deelstaten die socio-economisch hun huiswerk maken.
Het ratingbureau Standard 1 Poor's verlaagde onlangs ook de kredietstatus van Vlaanderen van AA+ naar AA. De enige aangehaalde reden was dat een deelstaat nooit een hogere kredietrating kan hebben dan de staat waar die deel van uitmaakt. In het rapport wordt inzake Vlaanderen ook nog eens heel duidelijk uitgelegd dat Vlaanderen en België in een zodanig ingewikkeld kluwen van regels aan elkaar gelinkt zijn, dat de negatieve outlook van België als staat afstraalt op de Vlaamse deelstaat. De inspanningen van het Vlaamse Gewest worden heel duidelijk geprezen, maar kunnen door die wirwar aan intergouvernementele regels niet omgezet worden in de verdiende hogere rating.
Dit houdt in dat een budgetair sterke inspanning zoals de Vlaamse overheid de afgelopen periode gedaan heeft nog steeds gefnuikt wordt door het Belgische staatsniveau. Het Brusselse Gewest heeft geen negatieve correctie gekregen, enkel en alleen omdat dat al op AA stond en een verdere daling zou impliceren dat de negatieve outlook voor België als geheel zou worden omgezet naar een negative correctie, waarbij Vlaanderen diende te volgen, terwijl Wallonië, noch de Franstalige Gemeenschap van S&P's een aparte rating krijgen.
De waardeverhouding binnen de Belgische staat wordt door Moody's wél in rekening gebracht. Zo verlaagde Moody's de kredietstatus van België naar AA1
met een negatieve outlook, dus mogelijke verdere verlaging. Het Vlaamse Gewest wordt wel nog steeds de hoogste obligatierating AAA toebedeeld. Moody's beoordeelt in tegenstelling tot S&P's echter ook Wallonië en de Franse Gemeenschap (met Brussel). Die laatste krijgt, net als België, de AA1 rating, voornamelijk omdat 95% van haar werkingsmiddelen direct afkomstig zijn van het Belgische niveau, een verlengde van het Belgische niveau. Wallonië krijgt echter een nog lagere rating AA2, voornamelijk omdat de directe schuld reeds 88% van het budget bedraagt, terwijl dat percentage inclusief de indirecte schuld (door o.a. waarborgen) meer dan 190% (!) van de jaarlijkse werkingsmiddelen bedraagt.
De twee verschillende manieren van aanpak maken twee zaken duidelijk. Ten eerste volgt uit de ratings van S&P's dat Vlaanderen zich maar kan profileren als een gunstig en gezond economisch verhaal, wanneer de Belgische patronage afgeschud wordt. Dit impliceert niet direct de volledige afscheiding, maar wel de uitbouw van coherente bevoegdheidspakketten met het beheer van de bijhorende financiële middelen - iets wat in het communautair akkoord van Di Rupo onbestaande is.
Ten tweede blijkt dat het Vlaamse Gewest wel heel duidelijk een eigen economisch verhaal kan schrijven. De ratings van Moody's bevestigen deze these. Meer nog, de rating voor België als geheel is de optelsom van die van de deelstaten. Binnen dit Belgische kader zou het dan ook in het belang van Wallonië en de Franstalige Gemeenschap zijn, mocht Vlaanderen een verdere uitbouw van de eigen bevoegdheden kennen. Het gezonde economische Vlaamse klimaat straalt immers af op het Belgische niveau onder wiens paraplu zij kunnen schuilen. Maar ook daar falen de Franstalige vertegenwoordigers.
Dit is dan ook de regering van de gemiste kans: voor Vlaanderen, maar ook voor Wallonië en de Franstalige Gemeenschap.
(EJ)
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments