Met een totale oppervlakte van 2,8 miljoen vierkante kilometer heeft het poolijs deze zomer de op één na laagste omvang gehad.
Iedere zomer smelt de poolkap voor een stuk af, om in de winter weer aan te groeien. De opwarming van de aarde heeft er echter voor gezorgd dat het pakijs méér smelt dan dat het in de winter kan aangroeien. Een ernstige situatie, omdat het afsmelten aan een steeds hoger tempo gebeurt.
Het ijs weerkaatst de zonnestralen weer de ruimte in; wanneer het ijs nu in omvang afneemt, wordt de zonnewarmte juist geabsorbeerd door het zeewater, waardoor dat nog meer opwarmt en het pakijs nog sneller zal afsmelten.
Met behulp van satellieten houdt het National Snow and Data Center in Boulder, Colorado dagelijks de evolutie van het poolijs bij. Met het eind van de poolzomer in zicht, maakte het gisteren de nieuwe resultaten bekend. Met een totale oppervlakte van 2,8 miljoen vierkante kilometer bereikte het pakijs deze zomer z’n tweede kleinste omvang sinds 1979, het jaar waarin het instituut deze metingen doet. Alleen vorig jaar was er nog minder pakijs, namelijk 2,5 miljoen km².
“Dat is toch goed nieuws”, zegt u, “want het betekent dat het ijs minder hard is afgesmolten dan vorig jaar?” Zo simpel ligt het echter niet. Er mag dan inderdaad meer pakijs gemeten zijn dan vorig jaar, maar die 2,8 miljoen is een wereld van verschil met de 3,5 van in 2002. Bovendien was het pakijs dit jaar meer gefragmenteerd. Vorig jaar was het pakijs nog min of meer een homogene massa, terwijl het dit jaar veel meer opgedeeld was in drijvende ijsplaten. Het spreekt voor zich dat een grote ijsmassa solider is dan eenzelfde, maar gefragmenteerd volume.
Aan dit tempo zou de poolkap ergens tussen 2030 en 2040 volledig ijsvrij kunnen zijn in de zomer, zo voorspellen wetenschappers. (RDM)
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments