Met hoeveel meisjes de auteur in zijn jonge meisjes van bil ging: hij kan het al niet meer tellen. Bovendien kan het hem ook geen barst schelen: het was toch alleen maar om te vogelen.
Het jonge leven van Dimitri Verhulst was geen pretje. Zijn moeder kreeg slaag bij de vleet van zijn stiepelzatte vader en dat bleef duren tot moeder een ander leerde kennen. Dimitri was echter niet welkom bij zijn stiefvader en zijn dronken vader, die wilde wel maar kon niet voor hem zorgen.
Op zijn zestiende kwam hij uiteindelijk in een instelling terecht, zo vertelt hij vandaag in Humo. In die instelling was het een geile boel: “Ik heb gevreeën met de meeste meisjes in die instelling. Ik ben trouwens ook met opvoedsters naar bed geweest. De stagiaires van Sint-Anna waren echter het lekkerst. Die meisjes stonden zo heet als een stoof.”
Er zijn jongeren die, als ze in zo'n omstandigheden opgroeien, in hun latere leven de criminele toer opgaan. Dimitri wist aan die neerwaartse spiraal te ontsnappen: “Dat is voor een stuk eigen verdienste: wilskracht. Wilskracht en discipline. Jezelf niet verwaarlozen, eten maken voor jezelf. Nadenken over je drankverbruik. Wat ik wel degelijk moet doen, want ik voel de alcohol trekken. Ik drink geweldig graag.”
“Literatuur was ook een immense kracht. Ik was daar zot van, ik wist wat ik wilde doen in het leven. Ik heb enorm veel geoefend, dingen vertaald, om het te leren.”
Dimitri Verhulst schreef een boek over zijn avonturen in de instelling, met als titel 'Kaddisj voor een kut'. (SL)
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments