Jan Verheyen, de man die ondergetekende verschrikkelijk blij maakte met de fantastische film 'Alles moet weg', is een filmkenner met een mening. Dus vroegen de heren van Ché wat hij van de komende Oscars denkt. Dat leidde alvast tot enkele stevige uitspraken.
De Oscars komen er op 22 februari weer aan. Jan Verheyen blikt alvast vooruit in de nieuwe Ché, waar hij de winnaars voorspelt, maar tevens het Belgische selectiesysteem hekelt. "Elk land mag één film afvaardigen voor de categorie 'Beste Buitenlandse film'. Daar moet in ons landje een comité voor samenkomen bestaande uit zes Vlamingen en zes Walen. Dan voel je de bui al hangen. Ik heb er een paar keer ingezeten. De laatste keer heb ik mijn visie duidelijk gemaakt: "Jongens, we zitten hier niet om te discussiëren over de film die wij het afgelopen jaar persoonlijk het sterkste vonden. Nee, we zijn hier om de film te kiezen waarvan we dénken dat hij het meeste kans maakt op een Oscar. Tja, die Franstaligen verstijfden meteen", vertelt de filmmaker.
Ook over de huidige genomineerden laat Verheyen zijn licht schijnen, al begrijpt hij de keuze van het selectiecomité toch niet helemaal: "In de categorie beste buitenlandse film zie je dat filmsnobisme nog steeds. Daar staan films tussen waarvan ik zeg: 'Excuseer, dit kun je de mensen toch niet aandoen?". Door films als 'Ida' te selecteren vraag ik me soms af wat ze gesnoven hebben. Vroeger keek ik elke film uit, zelfs al waren ze rotslecht. Tegenwoordig geef ik ze twintig minuten tot een half uur. Maar Ida? Ik denk vijfenveertig seconden."
Dat en nog veel meer vind je terug in het interview met Jan Verheyen, nu in de nieuwe Ché, waarvan je hieronder overigens de cover vindt. (KA)
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments