Het is hommeles tussen Beerschot en de DeMorgen. De Antwerpse voetbalclub verwijt de krant dat ze in een artikel over doelman Stijn Stijnen de journalistieke regels met de voeten heeft getreden.
Waar gaat het om? In de aanloop naar de wedstrijd Beerschot – Club Brugge, het team waarvoor Stijn Stijnen speelde tot de ‘frigo-internetaffaire’ hem daar z’n kop kostte, hadden nogal wat journalisten een interviewaanvraag ingediend. Beerschot vond het niet opportuun om in de aanloop naar de wedstrijd de doelman zes keer te laten opdraven voor individuele interviews, maar begreep ergens ook wel dat de media naar aanleiding van de wedstrijd tegen z’n oude club een interview wilden.
Daarom werkte de club een compromis uit: de geïnteresseerde journalisten kregen een ‘persmoment’, een gezamenlijk interview met de doelman. De club stelde wel een aantal voorwaarden: er zou niet over ‘de affaire’ zelf worden gepraat. Bovendien eisten de club en Stijnen inzage voor verschijning. Volledige inzage, dus ook titels, bijschriften etc. Elk van de journalisten (vier kranten, een website en de regionale zender ATV) ging akkoord.
“Van de zes media hebben er vijf het spel eerlijk gespeeld”, aldus Frank Van Laeken, woordvoerder van Beerschot. “We kregen de interviews voorgelegd en suggereerden hier en daar wat aanpassingen. Kleinigheden, het is echt niet onze bedoeling om te gaan censureren. Maar wat DeMorgen ons voorlegde, was meer dan een brug te ver.”
Wat de krant wilde publiceren, was geen interview, maar een reconstructie van de ‘affaire’, hier en daar doorspekt met quotes van Stijn Stijnen. “Die quotes waren helemaal uit hun context gerukt en bovendien waren ze van genuanceerde uitspraken herleid tot korte, stoere, hapklare quotes waarin elke nuance zoek was”, aldus Van Laeken.
De club is van oordeel dat DeMorgen hiermee de afspraken heeft geschonden. “De journalisten van DeMorgen hebben club en speler misleid. Ze hadden de voorwaarden om niet over de affaire te praten aanvaard, terwijl het voor hen van in het begin duidelijk was dat hun artikel een reconstructie van die affaire zou zijn. Mochten wij dat geweten hebben, dan hadden wij nooit toestemming gegeven en dan had het persmoment zich beperkt tot vijf journalisten in plaats van zes. Wij hebben dus gevraagd om elke quote van Stijnen uit het stuk te laten verwijderen.”
DeMorgen weigerde. “De krant zou zélf wel beslissen in welke vorm ze de uitspraken van Stijnen in het artikel zou gebruiken, en eigende zich wel degelijk het recht toe om uitspraken van een geïnterviewde in een context te gebruiken die de betrokkene net wil vermijden”, zo legt Van Laeken uit.
De Antwerpse club beraadt zich nu over stappen. Het liefst van al zou ze journalisten van DeMorgen voortaan de toegang tot het Olympisch Stadion ontzeggen, maar dat kan niet. De wedstrijden van eerste klasse worden georganiseerd door de Pro League en niet door de clubs zelf en dus kan een geaccrediteerde journalist niet geweigerd worden om de matchen bij te wonen. “Maar op persconferenties en dergelijke, kunnen wij hen wel degelijk de toegang ontzeggen. We gaan ook bekijken of we juridische stappen tegen de krant kunnen ondernemen.”
Wie zijn wij om collega-journalisten met de vinger te wijzen? Toch heeft de club hier ons inziens wel een punt: het is toch evident dat je de persoon die je wil interviewen duidelijk maakt wat je met zijn quotes van plan bent? Anders kun je net zo goed uitspraken van Stijnen of wie dan ook gaan gebruiken in een artikel waarin staat dat Ronald Janssen toch eigenlijk een toffe pee is…
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments