Zescilindermotor, 3.617cc, 50pk
Voordat hij automobielconstructeur werd, had Louis Chevrolet al enkele uitvindingen gedaan, zoals een pomp om flessen te vullen met wijn uit vaten en een rubberpers voor de productie van fietsbanden. Hij was afkomstig uit Zwitserland en had bij De Dion-Bouton in Frankrijk het vak van automonteur geleerd, voordat hij in 1900 naar Amerika emigreerde en zich in Detroit vestigde. Hier maakte hij kennis met William C Durant, die zojuist het door hem opgerichte General Motors de rug had toegekeerd. Samen met hem richtte hij in 1911 de Chevrolet Automobiel Company op.
Aanvankelijk werden er alleen auto’s gebouwd die Chevrolet zelf had geconstrueerd. Weldra kwam het echter tot een samenwerking met de voormalige bedrijfsleider van Buick. In 1913 was de eerste auto van de nieuwe Chevrolet-generatie te bewonderen op de New York Automobil Exposition. Vooral Durant had er met succes bij Chevrolet op aangedrongen af te zien van alle modelvariaties: hij wilde uitsluitend een auto met een viercilindermotor bouwen waarmee hij de concurrentie met de T-Ford wilde aangaan. De viercilinder voldeed uitstekend en bleef tot 1929 in productie. De auto kostte als tweezitter roadster 750 dollar, maar was zeer compleet uitgerust, met onder meer acetylverlichting, zijlampen, voorruit en kap. Deze accessoires werden door de concurrentie de koper als extra in rekening gebracht en hoewel de T-Ford slechts 500 dollar kostte, was het prijsverschil inclusief accessoires zeer gering.
De nieuwe auto werd goed verkocht: in 1913 ongeveer 6.000, in 1915 23.000 en in 1916 al 63.000 stuks. Overigens werd Durant als gevolg van allerlei transacties uit het bedrijf verdrongen, waarna Chevrolet werd overgenomen door General Motors.
Al in 1917 was Chevrolet de op drie na grootste automobielfabriek in Amerika, na Ford, Willy’s-Overland en Buick. In het volgende jaar daalden de omzetcijfers ten gevolge van de Eerste Wereldoorlog, maar niettemin veroverde de fabriek de derde plaats op de ranglijst; in 1919 stond Chevrolet met 123.371 stuks op de tweede plaats en in 1920 verdrong de fabriek ten slotte met 419.517 verkochte auto’s Ford van de eerste plaats.
In 1929 bracht Chevrolet zijn eerste zescilinder op de markt. De onverwoestbare motor, die de bijnaam ‘het gietijzeren wonder’ kreeg, had een inhoud van 3.6 liter en ontwikkelde 50pk. Tot 1953 bleef deze zescilinder de klassieke krachtbron van Chevrolet. Zo kwam het dat de viercilinder, die 490 dollar kostte en daarom als typeaanduiding ‘490’ had, de laatste viercilinder was die Chevrolet bouwde.
Klik hier voor foto’s van Louis Chevrolet, die onder andere crasht tijdens een race.
Klik hier voor het overzicht van deze reeks.
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments