De Citroën Traction Avant was voor zijn tijd een zeer innovatieve auto. Het ontwerp kwam van André Lefèbvre en het was de eerste in serie geproduceerde auto met voorwielaandrijving en een zelfdragende carrosserie.
Het eerste prototype had een 1.3 liter motor met 32pk, wat al snel te weinig bleek voor deze wagen. Later was de auto beschikbaar in varianten van 7 CV (36pk), 11 CV (46,56 en 60pk) en 15 CV (77pk). Er zijn zelfs een tiental type 22 CV gefabriceerd: die hadden een dikke V8-motor die 100pk leverde.
Maar goed, de geestelijke vader van de Traction Avant is dus André Lefebvre, die door André Citroën in 1932 van concurrent Renault werd ‘weggepikt’.
Aan de vormgeving van de wagen heeft ook Flaminio Bertoni meegewerkt. André en Flaminio werden later ook verantwoordelijk voor de HY-bestelwagen, de 2CV (ook wel ‘geit’ of ‘eend’ genoemd) en de DS. De ontwikkeling van de Traction Avant moest vooruit gaan, want Citroën had in die tijd met financiële problemen te kampen. Die zorgden er trouwens ook voor dat de Traction Avant te vroeg uitgebracht werd, met talloze kinderziekten als gevolg. Die ellende bezorgden zowel de eigenaren als de dealers (want alles werd uiteraard in garantie hersteld) zowat grijze haren. Zo kregen de wagens met een automatische versnellingsbak al snel de bijnaam ‘Friteuse’, omdat die bak de olie aan de kook bracht.
Naast de voorwielaandrijving had de auto nog wel meer vooruitstrevende zaken. Zo had de Traction-Avant een geheel gelaste monocoque-constructie, onafhankelijk opgehangen voorwielen en vering met torsiestaven. De motoren hadden allen kopkleppen en natte, verwisselbare cilinderbussen. Ook had de Traction-Avant hydraulische remmen en vanaf 1936 tandheugelbesturing. Veel van die zaken werden nadien door andere autoconstructeurs overgenomen.
Ook wilde men met de Traction Avant een breed publiek bereiken en dus maakte men nogal wat koetswerkvarianten. Zo waren er de standaard vierdeurs (Légère), de iets grotere ‘Normale’, de cabriolet (Roadster), een coupé (Faux Cabriolet) en een extra lange ‘Familiale’ met zes zijruiten.
De 7 CV werd tot en met 1939 geproduceerd, maar reeds in 1934 was de 11 CV verkrijgbaar. Die had een 1.911cc motor die tot aan het einde van de productie (1957) zo goed als ongewijzigd bleef.
Toen in 1939 de Tweede Wereldoorlog uitbrak, werden er zo goed als geen Traction Avants meer gebouwd. In 1945 werd de productie dan hervat op basis van de nog beschikbare materialen. Na de oorlog kwamen er wel minder modellen: enkel de Légère en de Normale waren nog leverbaar. In 1953 werd de productie van de Familiale dan hervat, maar de cabrio’s en coupés kwamen niet meer terug.
In 1938 kwam de 15-Six. Die was, zoals de naam doet vermoeden, voorzien van een 2867cc zespitter. Speciaal voor Madame Michelin (ja, die van de banden) werd eenmalig een Roadster van deze 15-Six gemaakt. Het is wel zo dat in de jaren ’60 en ’70 nogal wat ‘Normale’-modellen zijn omgebouwd tot cabriolets.
In de loop der jaren werden ook een aantal aanpassingen gedaan aan de Traction Avant. Zo verdween in 1952 het reservewiel in de koffer in de plaats van erop. Ook gingen de ruitenwissers nu naar de onderzijde van de voorruit en kreeg de wagen rechte bumpers.
In 1955 begon Citroën met de productie van de DS, die in het begin dezelfde motor gebruikte. In juli 1957 rolde de laatste Traction Avant van de band, er waren toen ongeveer 770.000 exemplaren van gebouwd.
Tot slot willen we nog één misverstand uit de wereld helpen. Het is dan wel inderdaad zo dat de Traction Avant, dankzij zijn fantastische wegligging, zeer populair was bij zowel de politie als bij boeven, maar de Gestapoagenten hebben er nooit mee gereden, in tegenstelling tot wat we vaak zien in oorlogsfilms. Neen, de heren van de Gestapo reden in werkelijkheid rond met de Mercedes 260D, die later in deze reeks komt. Maar omdat er zeer veel Traction Avants geproduceerd zijn geweest maar niet zoveel Mercedes 260D’s, is het gewoon veel makkelijker en goedkoper voor de filmproducenten om Citroëns te gebruiken…
Klik hier voor foto’s van de Traction Avant.
Klik hier voor het overzicht van deze reeks, ‘De geschiedenis van de auto in 60 delen’.
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments