De geschiedenis van de auto in 60 delen: De Dion-Bouton van 1907 Wheels
De geschiedenis van de auto in 60 delen: De Dion-Bouton van 1907
Wheels

De geschiedenis van de auto in 60 delen: De Dion-Bouton van 1907

Gebouwd in Frankrijk, exemplaar op de foto in 1907, voorin gebouwde 1-cilindermotor, 942cc.

Albert de Dion en George Bouton waren de oprichters van de firma De Dion-Bouton. Tussen hen lag een wereld van verschil. Albert was een telg uit een Belgisch adellijk geslacht, terwijl George Bouton uit een arbeidersgezinnetje in Parijs kwam. George was een monteur en Albert was een liefhebber van techniek en zo kwam het dat zij kennis maakten in de werkplaats waar Bouton een door stoom aangedreven voertuig in elkaar aan het knutselen was. In feite verdiende hij zijn kost met het bouwen van modelstoommachines voor de kinderen van rijke ouders. Maar zijn stoomauto’s, daar werkte hij met hart en ziel aan.

Graaf de Dion had een droom: ooit een grote race winnen. Omstreeks 1880 ontwierp hij een (voor die tijd) snelle driewieler met stoomaandrijving, het eerste voertuig dat ooit speciaal voor een race werd gebouwd. In 1881 richtten De Dion en Bouton hun firma op. De lichte driewieler die de Dion had ontwikkeld werd ook gebouwd, maar toch duurde het zes jaar vooraleer de graaf aan een race kon deelnemen: het fenomeen ‘autorace’ bestond immers nog niet.

Maar goed, zes jaar later was er de race Neuilly – Versailles. De graaf legde deze 32 kilometer af in 74 minuten. Dat was dan ook meteen de snelste tijd, want geen van de overige deelnemers was uiteindelijk aan de start verschenen. Vier jaar later deed hij nog eens mee aan een race op het circuit van Longschamps. Toen was hij niet meer de enige deelnemer, maar wel de enige die de finish haalde. Alle anderen hadden de race wegens technische problemen moeten staken. Ook de eerste echt grote rally tussen Parijs en Rouen wist de Dion met zijn stoomauto te winnen. De wedstrijdleiding besliste daar echter anders over: zij kenden hem de zege niet toe omdat zijn voertuig ‘te zwaar en te duur’ was en Peugeot werd tot winnaar verklaard.

Daarna nam de Dion zelf niet meer aan races deel, maar hij organiseerde zelf diverse rally’s. Zo was er onder andere in 1895 Parijs-Bordeaux.

Al snel werd er ook overgestapt op auto’s met een benzinemotor. De eerste ‘echte’ auto van De Dion-Bouton kwam er in 1899: een vierzitter met een achterin geplaatste, watergekoelde ééncilindermotor met 402cc. De snellopende benzinemotor kon een toerental van maar liefst 2.000 omwentelingen per minuut aan, wat in die tijd al heel wat was. Dat was ook de reden waarom de motor door vele andere fabrikanten, zoals Renault, werd ingebouwd.

In 1900 was De Dion-Bouton een groot bedrijf, want dat jaar werden 400 auto’s en 3.200 motoren afgeleverd. Het eerste echt grote Europese succes had de Dion-Bouton met het model uit 1907. Het was voor die tijd een comfortabele wagen met een voorin geplaatste motor met één cilinder met een inhoud van 0,942 liter.

Helaas kwam De-Dion-Bouton er na de Eerste Wereldoorlog nooit meer echt bovenop. Zij produceerden nog auto’s tot in 1932, maar de afzet was slechts klein. De productie van vrachtwagens ging nog door tot het begin van de jaren vijftig.

Klik hier voor de foto’s van Albert de Dion, George Bouton en hun auto’s. (SL)

WebAds_Mobile_3

0 claps
0 visitors

Place comments

666

0 Comments

More comments

You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.

Show all comments