Viercilinder boxermotor, inhoud 0.897 liter, 38 pk, watergekoeld
Deze auto belichaamt in Duitsland de overgang van kleine en mini-auto’s zoals de Cabineroller naar auto’s in de middenklasse die zich in het begin van de jaren zestig voltrok. Bovendien is het echter een laatste product van een gerenommeerd merk, dat in 1961 ten gronde ging aan een verkeerd modellenbeleid.
De Arabella molest de concurrentie aangaan met de Volkswagen Kever en de DKW Junior. Omdat dit marktsegment vooral door die twee werd beheerst, moest deze poging eigenlijk al bij voorbaat als mislukt worden beschouwd. De Arabella was zeer compleet, completer dan de modellen van de meeste concurrentie, maar de wagen werd voor een te lage prijs van 5.250 Duitse Marken aangeboden.
De carrosserie was helemaal uit plaatstaal gemaakt en was uitneembaar op een buizenframe gemonteerd, waardoor eventuele reparaties heel gemakkelijk konden uitgevoerd worden. Het nadeel daarvan was wel dat de constructie nogal zwaar werd, en om dit te compenseren werd er met (dure) lichtmetalen onderdelen gewerkt. De viercilinder boxermotor van de Arabella dreef de voorwielen aan aan, die door dubbele stuurstangen werden bestuurd en met schroefveren en hydraulische schokdempers waren afgeveerd. De achterwielen waren opgehangen in een breed gelagerde constructie met schroefveren en torsiestabilisatoren. De in Bremen gebouwde motoren hadden altijd al een goede reputatie gehad. Ook de nieuwe motor van de Arabella bleek voortreffelijk: hij had een inhoud van o.895 liter en leverde 38pk bij 4.800 toeren per minuut. Voor de luxe-uitvoering was de compressieverhouding opgevoerd van 7,5:1 tot 9:1, zodat het vermogen was vergroot tot 45 pk. De top van de Arabella was 120 kilometer per uur, de luxe-uitvoering topte bij 135. Voor die tijd was het benzineverbruik van 8.3 liter per 100 kilometer met een vlotte rijstijl ook zeer gunstig.
De carrosserievorm van de Arabella, met zijn staartvinnen en panoramische achterruit, voldeed aan de smaak van die tijd, net als de stuurschakeling van de versnellingsbak. De auto was zowel technisch als qua uiterlijk zeer geslaagd, zoals ook de autobladen van die tijd schreven. De enige kritiek was op het veergedrag.
Er was vooral veel aandacht geschonken aan de veiligheid voor de inzittenden. Het dashboard was zacht en verend, het stuur had een diepliggende naaf en verende spaken en de rugleuningen konden niet naar voren klappen, iets dat in die tijd niet zo vanzelfsprekend was. (SL)
Klik hier voor het overzicht van deze reeks.
Place comments
0 Comments
You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.
Show all comments