Retro: Aston Martin DB2 Wheels
Retro: Aston Martin DB2
Wheels

Retro: Aston Martin DB2

De DB2 was de tweede Aston Martin die onder de nieuwe eigenaar David Brown op de markt kwam. Na de Tweede Wereldoorlog kampte Aston Martin met geldgebrek. Het kon geen nieuwe modellen meer ontwikkelen, die nochtans broodnodig waren. In februari 1947 werd David Brown eigenaar voor een bedrag van 20.500 Britse pond.

Enkele maanden later kocht Brown nog een autobouwer, Lagonda. Hij had immers een motor nodig voor Aston Martin. De 2.580 cc van Lagonda zou in diverse vormen zo'n zevenhonderd Aston Martins aandrijven tot en met 1959.

Eén van die modellen was de DB2. Zijn stalen buizenchassis was gebaseerd op de 2.0 Sports, maar de pas ingehuurde ingenieur Ted Cutting kortte de wielbasis in en maakt het chassis nog stijver. Onder de lange motorkap uit één stuk lag de 2.6 Lagonda-motor. Deze zescilinder dateerde eigenlijk al uit 1943 en werd ontworpen door ene W.O. Bentley. Inderdaad, dé Bentley.

Ex-Lagonda-ontwerper Frank Feeley tekende het coupékoetswerk van de DB2. De eerste 49 exemplaren droegen een vierkante, driedelige grille vooraan met grote rechthoekige koelroosters opzij. Dit werd al snel vervangen door de vertrouwde, afgeronde Aston Martin-grille met horinzontale lamellen. In 1950 werd van de DB2 ook een Drophead Coupé afgeleid.

Het vermogen van de DB2 varieerde van 105 tot 145 bhp bij 5.000 o/m. Daarmee zette de coupé meer dan aardige prestaties neer. Een spurt van 0 naar 60 mijl per uur (96 km/u) legde hij af in ongeveer twaalf seconden en de topsnelheid schommelde tussen 110 en 135 mijl per uur (177 en 217 km/u).

Van mei 1950 tot april 1953 bouwde Aston Martin 411 DB2's. Eén ervan is de VMF 64 uit 1950, het exemplaar dat door RM Auctions verkocht werd. Als racewagen kwam deze DB2 negen keer aan de start en even veel keer aan de finish. Hij reed twee keer de 24 uren van Le Mans, twee Mille Miglias, twee Alpine Trials en een Ulster TT-race.

In 1953 bouwde de onderhoudsafdeling van Aston Martin hem om van race- tot straatwagen. Topman David Brown himself reed ermee tot begin 1957, toen hij de auto verkocht aan een vriend: Gerald Lascelles, die later gedurende 27 jaar voorzitter zou zijn van de British Racing Driving Club (BRDC). Later werd de auto toevertrouwd aan zijn zoon Henry en nu komt hij in handen van een anonieme en hopelijk zorgzame liefhebber.

WebAds_Mobile_3

0 claps
0 visitors

Place comments

666

0 Comments

More comments

You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.

Show all comments