Retro: Louis Chevrolet, de onfortuinlijke Zwitser Wheels
Retro: Louis Chevrolet, de onfortuinlijke Zwitser
Wheels

Retro: Louis Chevrolet, de onfortuinlijke Zwitser

Louis Chevrolet werd op 25 december 1878 geboren in de Zwitserse stad La Chaux-de-Fonds, waar negen jaar later ook de beroemde architect Le Corbusier tot leven zou komen. La Chaux-de-Fonds ligt op 70 kilometer van Bern middenin het Juragebergte, een streek die bekend staat om zijn geitenkaas (vandaar de naam Chevrolet?) en horlogemakers zoals Omega, Rolex of Breitling.

Ook Louis' vader Joseph was een horlogemaker. De naam Chevrolet wordt vandaag de dag nog handig misbruikt door de Chevrolet Watch Company uit het Zwitserse Courgenay, een bedrijf dat in feite niets te maken heeft met Louis of Joseph Chevrolet. Het verkoopt horloges met de wijzers in de stijl van oude dashboards en het nummer 8 op de band, het favoriete startnummer van Louis Chevrolet in races.

Eind 1887, toen Louis pas negen jaar oud was, verhuisden de Chevrolets met hun vijf kinderen (Alfred, Louis, Fanny, Berthe en Arthur) naar Beaune in Frankrijk, zo'n 200 kilometer verder. Na Marthe – de derde dochter – verscheen in 1892 Gaston op het toneel, de laatste van zeven kinderen. De familie Chevrolet wordt in Beaune alleen nog herinnerd door de Rue Gaston Avenue die feitelijk naar Louis Chevrolet genoemd had moeten worden (een pijnlijke vergissing van het bestuur).

Louis Chevrolet zette zijn eerste professionele stappen bij het sleepbedrijf Roblin dat tevens koetsen en fietsen repareerde. Volgens de legende ontmoette Louis Chevrolet bij Roblin de Amerikaanse multimiljonair Vanderbilt. Dat moet het moment zijn geweest dat Louis Chevrolet tot tweemaal toe verliefd werd: in eerste instantie op de auto en vervolgens op het idee om te emigreren naar Amerika.

In Beaune ontplooide Louis Chevrolet nog een andere passie: racen. Rond die tijd nam de tiener deel aan zijn eerste wielerwedstrijden in de heuvels achter Beaune, waarvan hij er vele won. Begin 1899 vertrok hij naar Parijs en kreeg hij een baan in een garage van de autofabrikant Darracq.

Met het geld dat hij in Parijs verdiende, financierde Louis zijn overtocht naar het Amerikaanse continent, te beginnen in Canada. In Montreal werkte hij als coureur en monteur (wat in die tijd hetzelfde betekende), om enkele maanden later door te reizen naar New York, opnieuw met wat spaarcenten op zak. Hij werkte er onder meer voor de Amerikaanse tak van de Franse autobouwer De Dion-Bouton.

In 1905 haalde Louis Chevrolet voor het eerst de voorpagina's van de kranten. In zijn debuutrace won hij meteen de Three Miles en noteerde en passant een nieuw snelheidsrecord op de mijl aan het stuur van... een Fiat. Later zou hij dat record nog verbeteren met een racewagen met Darracq V8-motor: 191,5 km/u.

De Amerikanen noemden Louis Chevrolet liefkozend the dare-devil Frenchman (Zwitserland of Frankrijk: in Amerika is dat blijkbaar hetzelfde). De naam Chevrolet zou nog bekender worden toen Arthur en Gaston hun beroemde broer volgden in de wereld van de autosport. Zo gebeurde het soms dat er drie Chevrolets op de startgrid van een race stonden.

De races eisten echter hun tol. Als gevolg van een reeks ongelukken tussen 1905 en 1920 verbleef Louis Chevrolet in totaal drie jaar in het ziekenhuis. Op 25 november 1920 kwam zijn broer Gaston bovendien om tijdens een fatale race in Beverly Hills, in Los Angeles. Louis Chevrolet zou daarna nooit meer deelnemen aan een race.

Naast zijn racecarrière begon Louis Chevrolet ook een carrière als autobouwer. Hij had William C. Durant, de oprichter van General Motors, al enkele malen ontmoet. Billy Durant zag de enorme vaardigheden van Louis Chevrolet en begon een samenwerking met hem om op 3 november 1911 gezamenlijk de Chevrolet Motor Car Company op te richten.

De eerste Classic Six modellen rolden begin 1912 in Detroit de fabriek uit. Helaas verschilden beide heren grondig van visie. De Classic Six was een luxewagen zoals Louis Chevrolet het wilde: groot en exclusief. Durant wou echter goedkope wagens bouwen voor het volk.

Toen Louis Chevrolet in 1913 met zijn familie op reis ging naar Europa, maakte William Durant van de gelegenheid gebruik om het bedrijf volledig naar zijn hand te zetten. Louis Chevrolet was zo kwaad dat hij de handdoek in de ring wierp en zijn eigen bedrijf verliet. Hij moest zijn naam echter achterlaten.

De strategie van Durant werkte wel: de Chevrolet 490, die precies 490 dollar kostte, werd een groot succes. Louis Chevrolet zou er geen stuiver aan verdienen.

Louis Chevrolet keerde terug naar zijn oude passie, namelijk het bouwen van racewagens. Never give up was één van zijn motto's. In 1914 richtte hij de Frontenac Motor Corporation op. De eerste Frontenac-racewagens waren hoogtechnologisch, mede dankzij het gebruik van aluminium en het toepassen van een sperdifferentieel op de achteras.

In 1926 richtte hij samen met zijn broer Arthur Chevrolair 333 op om een lichte vliegtuigmotor te ontwikkelen. Het bedrijf werd echter weer opgedoekt toen hij brak met zijn broer. Meteen daarna startte Louis in Indianapolis met de Chevrolet Air Car Company, maar werd niks door de economische crisis.

In 1932 zette Louis Chevrolet een laatste hoogstandje neer met de tiencilinder radiaalmotor, waarvoor hij een patent aanvroeg. Tegen de tijd dat het patent op 19 februari 1935 eindelijk geregistreerd werd, beschikte Louis niet langer over de kracht om het bedrijf nieuw leven in te blazen.

Louis Chevrolet werd in 1934 ziek en kreeg een beroerte. Datzelfde jaar overleed zijn 27 jaar jonge zoon Charles. Louis Chevrolet eindigde zijn carrière zoals hij ze begonnen was: als monteur. Zijn werkgever was... de Chevrolet-fabriek in Detroit.

In 2005 werd het ideeëngoed van de man nog een laatste keer vertrappeld. De geschiedenis met Durant herhaalde zich. General Motors besloot om de bekende Chevrolet-vlinderdas op de goedkope Daewoo's uit Zuid-Korea te kleven.

Louis Chevrolet overleed op 6 juni 1941 op 63-jarige leeftijd in zijn huis in Lakewood, ten oosten van Detroit. Hij ligt begraven op het Holy Cross and Saint Joseph Cemetery in Indianapolis, Indiana. Dat is vlakbij het circuit van de Indy 500, waar nog een borstbeeld van Chevrolet staat.

Chevrolet heeft miljoenen auto's nagelaten die zijn naam dragen, maar het is General Motors dat profiteerde van dat succes. Een Amerikaanse journalist vroeg hem eens of hij zo beroemd was geworden vanwege het merk Chevrolet of andersom. Chevrolet antwoordde met een glimlach: "Het was zeker een beetje van allebei. Maar één ding is zeker: ik was er het eerst…"

WebAds_Mobile_3

0 claps
0 visitors

Place comments

666

0 Comments

More comments

You are currently seeing only the comments you are notified about, if you want to see all comments from this post, click the button below.

Show all comments